Jaarthema 2003-2004: Play's 2B

Naar Big Brother gekeken? Je kan bedenkingen hebben bij dat hippe programma, maar Big Brother is wel een ongelooflijk experiment. Hoe houden die - eerst 14 en wat later nog 4 -bewoners het daar in godsnaam uit? In een vreemd huis, tussen vreemde mensen, met niets vertrouwds om zich heen. Geen lievelingsposters aan de muur, geen telefoontjes met vrienden, niks. Om dan nog te zwijgen over de camera's die constant in- en uitzoomen. De eerste dagen zijn de moeilijkste. De bewoners zoeken hun weg in een leeg huis en lijken wel wassen poppen. Is hun gelach of gehuil gemeend of juist gefaket? Maar na pakweg twee weken in het Big-Brotherhuis luchten de bewoners hun hart bij elkaar, gooien ze de voeten op tafel, schuren naakt tegen elkaar onder de douche en komen er openlijk voor uit dat zij het laatste velletje toiletpapier hebben opgeconsumeerd. Ze voelen zich thuis. Nu willen we Chiro niet meteen met Big Brother vergelijken, in positieve noch negatieve zin. Maar ongeveer elke aspirant herkent zich in dat zootje ongeregeld dat de afwas bord per bord opstapelt en een hele dag vrolijk in de zetel durft liggen. Achter je-ergens-thuis-voelen zit dus blijkbaar een mechaniekje. Als je ervoor openstaat! En als de huisdeur niet tegen je neus wordt gesmeten...
Je-thuis-voelen
Dit jaar willen we Chiro nog net iets 'thuiselijker' maken dan andere jaren. Je thuisvoelen, dat is iets anders dan thuis zijn. Als je thuis bent, ben je volgens ons in je huis. Je staat dus onder een dak en tussen vier muren. Daar woon je, wordt je chirohemd gestreken, staat je collectie speelgoed en lopen eventueel broers en/of zussen rond. In het beste geval voel je je daar ook thuis - al valt dat soms lelijk tegen. Je thuisvoelen, dat kan overal. In de Chiro, op bivak, in je supergeheime kamp, onder de dekens, tussen je vrienden, op school, bij je lief, in de bibliotheek, als je Boudewijn de Groot zingt bij het kampvuur, in de bergen. Je hoeft dus echt niet je huissleutel in de voordeur te boren om thuis te komen!
Thuis-thuiselijker-thuist
De eerste dag op kamp. Je blaast je luchtmatras vol, klopt je lievelingskussen op en steekt stilletjes je knuffel onderin je slaapzak. Niemand hoeft het te merken maar jij voelt je wel meer op je gemak met al die domme dingen rond je. Ander voorbeeld: een bende aspiranten plakt het hele lokaal vol spetterende posters. Ze slepen een oude hi-fi binnen en installeren een prefab toog. Voilà!
Maar een thuis is meer dan een huis of een hok of een lokaal of een kamp, hoog in de bomen. Thuis laat je winden onder de lakens, mag je triestig zijn, opvallen, klagen, je goed voelen. Thuis is een combinatie van mensen, voorwerpen, geuren, herinneringen, gewoontes, verhalen. Je voelt je er geborgen, je krijgt tijd. Je thuis is dus niet makkelijk aan te wijzen of te betasten. Het is dat allemaal. En misschien nog veel meer... we vinden dat het een basisrecht is voor iedereen.
Een goede definitie van 'thuis' vonden we op een oude chiro-LP. Op een van die 33-toerenplaten stond de megahit "Ik wil". Het liedje begon zo: "Ik zoek een plek waar ik gelukkig kan leven, waar iedereen het beste van zichzelf kan geven". Je thuisvoelen is trouwens iets heel persoonlijks. De ene voelt zich na twee zondagen kiplekker in de Chiro. De andere pas na drie jaar. De ene student zit graag op kot, de andere kan zo ver van huis niet aarden.
De vier!
'Zich thuisvoelen' wordt geschraagd door vier fundamenten. Wij noemen ze T-factoren. Ze stimuleren je om je thuis te voelen. De vier T-factoren zijn graag zien, tijd, een plek en herkenbaarheid. Als je ze herkent, kun je er ook mee werken.
Graag zien
Thuis voel je je welkom, ben je graag gezien. Het is er oké. Je wordt serieus genomen. Je mening doet ertoe. Je voelt je geborgen, onvoorwaardelijk. Met je goede én minder goede kantjes. Kortom, je voelt je veilig in de groep. Er is aandacht voor die nieuwe keti, steun voor een speelclubber die zijn lievelingscavia heeft begraven, interesse in de examens van tito's. De spelregels van rugby worden aangepast als die wildebrassen van kerels het opnemen tegen de tiptiens. Denkspelletjes maak je makkelijker als enkele rakwi's niet kunnen volgen.
Tijd
Tijd krijgen om te rijpen, zou een wijnkenner suggereren. Om op smaak te komen. De eerste zondagen van een nieuw werkjaar verlopen altijd wat stroef. Iedereen tast alles wat af. Zoals je een nieuwe zetel ook eerst test. Je nestelt je erin, draait wat heen en weer tot je goed ligt. Een jonge leider weet niet meteen hoe hij zijn speelclubbers het beste aanpakt. Maar tien maanden later vertrekt de hele bende op bivak en lijkt het alsof ze mekaar al jaren kennen.
Een plek
Een eigen plek om je even af te zonderen is belangrijk. Alleen of in groep. Een huis, je kamer of werkhok, de fiets-met-triatlonstuur, je rijke fantasie vol burchten en prinsessen, de aspitent op bivak. Zouden de keti's het prettig vinden als ze hun lokaal moeten delen met de speelclub? En stel je maar eens voor dat jouw chirogroep geen heem heeft. De ene voelt zich kiplekker in een netjes opgeruimd lokaal, de andere kan alleen op een stort aarden. Maar op die plek wil je je wel veilig voelen.
Herkenbaarheid
Een chirohemd vol emblemen, elke zondag opnieuw afsluiten met verstoppertje, straffe verhalen 's avonds in bed, het hele jaar dezelfde leidster, tafelmomentjes, de chirovlag, troetelnaampjes,... Dingen die aan Chiro net dat beetje meer geven. Maar zou Chiro ook nog hetzelfde zijn zonder je vrienden, lieven, praatpalen, jaarthemaliedjes en collega-leid(st)ers? Hoe anders is het als een grote mond stopt? Als een goede vriendin wegvalt?
En nu?
Er is niets mis mee als je de vier T-factoren op je af laat komen en toekijkt. JIJ mag je thuis voelen in de GROEP. Jij wordt graag gezien, jij krijgt tijd... Je staat open voor de T-factoren of je sluit je ervoor af, ervaart ze wel of niet.
Je kunt natuurlijk ook zélf de handen uit de mouwen steken. JIJ maakt dan mee de GROEP. Door met de T-factoren te spelen, vergroot je het thuisgevoel van jezelf of van iemand anders. Je heet welkom!
Je kan JIJ ook vervangen door GROEP. Een groep die zich dan thuis-voelt bij een andere groep. De jongens bij de meisjes, de ouders bij de leiding, de Chiro bij de scouts, de scouts bij de kerkfabriek, jonge leiding op IK, aspi's op Aspitrant,...
We zeiden het al: je thuisvoelen is iets heel persoonlijks. De ene voelt zich sneller thuis dan de andere. In onze termen gezegd: sommigen hebben meer nood aan T-factoren. Nieuwe leden heet je dan nog eens nadrukkelijk welkom! Je vertelt hen waar hun lokaal is, hoeveel het vieruurtje kost,... Met de grapjes van een verlegen speelclubber lach je wat harder, met lastige rakwi's heb je meer geduld. Als er jonge migranten naar de Chiro komen, pas je misschien wel de menukaart aan. Maar hoe goed je je best ook doet, soms voelen mensen zich écht niet thuis.
Nestel je langs de andere kant niet té veel in dat thuisgevoel! Sluit je niet op in een luchtdichte cocon waar het binnenin wel plezant is maar die geen enkele voeling meer heeft met de wereld buiten. Het is inderdaad makkelijker om niet te helpen op het KWB-feest, zoals het ook makkelijker is geen gehandicapte tito in je groep te hebben! Maar ze lonen wel de moeite!! Zeker als ze zich thuis voelen.
Oproep
We willen dat iedereen zich thuis kan voelen. Met het nieuwe jaarthema zetten we dat nog eens in de verf. We roepen alle leden en leiding op om - niet alleen - dit jaar te bouwen aan een herkenbare plek waar iedereen zich veilig voelt, tijd krijgt en graag gezien wordt. Een thuis dus!
N.B. Voel je je al wat thuis in het nieuwe jaarthema?
Top